
Varend op de Friese wateren vragen we ons voortdurend af of dat wat we denken te zien ook echt is wat we zien. Vaart dat schip naar ons toe of van ons af? Wat een ingang naar een haven lijkt, blijkt een bocht in de oever van het meer te zijn. De kerktoren die eerst links van de steenfabriek staat, staat er even later rechts van. Het langgerekte witte vlak zou een brug kunnen zijn of een muur maar nee – het is een boerenschuur waarvan het dak wit oplicht in de felle zon. Ik merk dat ik bij een vergezicht op het water de neiging heb die als plat en eenduidig waar te nemen, als ware het een schilderij. Dat doe ik soms ook als ik naar mensen kijk, naar wat zij zeggen en doen. Diepte zien is iets dat aandacht vraagt en inspanning kost. Zeilen vraagt, net als samenleven overigens, om een alerte blik die schijn en werkelijkheid van elkaar weet te onderscheiden. Ik word uitgedaagd dat wat klip en klaar lijkt in perspectief te zien. Zo heb ik geleerd hoe ik kan zien of een schip dat voorlangs vaart eerder of later bij de plek zal zijn waar onze wegen elkaar kruisen. Als het schip zich ten opzichte van de horizon voorwaarts beweegt, zal het schip voorlangs varen. Als het achterwaarts lijkt te bewegen, dus de horizon sneller voorbij lijkt te schieten dan het schip, zullen wij voor het schip langs varen. Zo zie je maar, nauwkeurig waarnemen is van essentieel belang om botsingen te voorkomen.
Mooie bespiegelingen weer.
ik neem mee voor vandaag ‘aandacht en inspanning’.
Dank.